Stichting De Brug

Stichting De Brug werkt in Cambodja al meer dan 22 jaar samen met uitsluitend de Cambodjaanse partnerorganisatie, genaamd Spie-en (Cambodjaanse uitspraak voor Brug).

Het werk in Cambodja wordt uitgevoerd door deze –geheel- Cambodjaanse organisatie. Bij alle projecten ligt het initiatief bij de hulpvragers. Zij maken de plannen, bereiden het project voor en dragen er zelf aan bij door middel van verstrekking van grond en arbeid. De Brug/Spie-en betaalt (meestal) alleen de kosten van de ontbrekende materialen. In de projectgebieden wordt zo nodig ook noodhulp verstrekt, zoals bij overstromingen.
Bij hulpprojecten is het belangrijk dat men echt de doelgroep bereikt en corruptie onderkent en zoveel mogelijk uitsluit. In Cambodja is dat laatste eigenlijk alleen mogelijk door kennis van de taal en cultuur. In alle gebieden bestaat er een goede samenwerking met de lokale overheden. Deze dragen actief bij aan het werk en zijn trots op de resultaten in hun gebied.
De Nederlandse directie bezoekt de Cambodjaanse organisatie minimaal twee keer per jaar. In Nederland werkt de Brug uitsluitend met vrijwilligers en in Cambodja met 9 bestuursleden,114 vrijwilligers en 3 kantoor medewerkers in vaste dienst.

Voor meer informatie verwijzen wij jullie naar de site www.stichtingdebrug.nl

Hartelijke  groet,
Frits en Beja Weitkamp

Preekrooster

04-10-2020

09:00 - Ds. R.P. Heij
11:00 - Uitzending 9 uurs dienst
14:30 - Ds. D.S. Dreschler

11-10-2020

09:00 - Ds. R.P. Heij
11:00 - Uitzending 9 uurs dienst
14:30 - Ds. D.S. Dreschler

Dagelijks Woord

Op die dag zul je zeggen: ‘Ik zal u loven, HEER. U bent woedend op mij geweest, maar uw toorn is geweken, u troost mij. God, hij is mijn redder. Ik heb een vast vertrouwen, ik wankel niet, want de HEER is mijn sterkte, hij is mijn beschermer, hij heeft mij redding gebracht.’ Vol vreugde zullen jullie water putten uit de bron van de redding. Op die dag zullen jullie zeggen: ‘Loof de HEER, roep zijn naam uit. Maak alle volken zijn daden bekend, verkondig zijn verheven naam.’ -- Jesaja 12:1-4